Amandina 100 jaar later

Op zoek naar Amandina in Marseille E-mail

Dit verhaal komt van de heer Andre Smeets, samensteller van de tentoonstelling van het leven van onze Heilige Amandina tere ere van haar heiligverklaring.

Ondanks dat de grote activiteiten en festiviteiten rond haar afgelopen zijn zijn er toch nog mensen die zich erin blijven interesseren en verder blijven onderzoeken.

Zo is Andre in juli 2004 vertrokken richting Marseille om daar het wandelpad van Amandina na te gaan en eens te kijken hoe de kloosters er heden ten dage uitzien en of ze er nog effectief zijn.

Hier vind je het verhaal van de zoektocht naar Amandina in Marseille.

OP ZOEK NAAR AMANDINA IN MARSEILLE:

2 000 km gereden, 2 dagen gezocht, 20 kg foto-materiaal meegesleept voor ... 1 (één) foto.

Wanneer begint een verhaal?

Dit verhaal begint in 2000, tijdens de voorbereidingen voor de tentoonstelling naar aanleiding van de heiligverklaring van de Gelukzalige Amandina.

Haar leven is gekend: vanuit Herk-de-Stad zal Amandina eerst naar Sint-Truiden gaan om vervolgens via Kwatrecht en Antwerpen in de zomer van 1896 met de trein naar Marseille af te reizen. Op 12 maart 1899 vertrekt ze van hieruit als missionaire naar China waar ze op 9 juli 1900 door de boxers zal vermoord worden.

De tentoonstelling kon destijds gemaakt worden aan de hand van documenten en (oude) foto's. Voor België was dit geen probleem maar de tijd was toen te kort om nog naar Marseille te gaan. De enige documenten die we toen hadden waren 3 kleine fotootjes, een lucifersdoosje groot, gepubliceerd op 1 bladzijde van het boek "De Gelukzalige Maria Amandina" , geschreven door de minderbroeder P. Fidelis Vrijdagshs in1950. Deze uitgifte bevat geen enkele verwijzing naar een adres, alleen maar het onderschrift: "Rechts: Ingang van het huis S. Raphaël".

2004.
Geen informatie gevonden op het internet. Misschien te veel gekeken naar programma's als "Spoorloos" en "Vermist" en de reis naar Marseille aangevat met enkel dezelfde 3 foto's. Het is 15 juli en hoogzomer in Marseille. De temperatuur wordt in deze, tegen een heuvel aanliggende, stad in digitale cijfers aangegeven: 38?C. Het stratenplan ziet er op het papieren stadsplan al ingewikkeld uit. In de praktijk is het met de auto ook zeer moeilijk om door deze wirwar van straatjes in een heuvelachtige omgeving te rijden. Nog moeilijker is het om een parkeerplaats te vinden. Het grootste gedeelte van het parcours dient dan ook te voet afgelegd te worden: foto-, videocamera, -lenzen, fotostatief moeten gedragen worden.

Het centraal toeristische informatiebureau ontvangt me zeer vriendelijk. De mensen achter de balie kennen het klooster-hospitaal niet, ze laten het oude fotootje aan mekaar zien alsof ze meededen aan een quiz maar er is niemand die de religieuze orde, het gebouw, de naam van het huis of het hospitaal kent. De aard van het gebouw doet hen vermoeden dat het ergens in de bergen moet liggen. Naar sommige van deze kloosters wordt er getelefoneerd, naar die niet bereikbaar waren, gaan we op zoek; zonder resultaat. 's Anderendaags bezoek ik het bekende bedevaartsoord; de OLV van Wacht. Dit heiligdom steekt als een toorts boven Marseille uit en Zuster Honorine, de oudere zus van Amandina schrijft in een brief dat ze dit gebouw bezocht vooraleer naar haar missie (Ceylon) af te reizen.

Net voor sluitingstijd van het souvenirwinkeltje koop ik een informatiegidsje. Dezelfde orde als deze waar Amandina toe behoorde blijkt voor het onderhoud van de kerk in te staan! Ik wil aan de winkelierster vragen waar het secretariaat of zoiets van deze orde gevestigd is maar de winkel is reeds dicht en gaat pas 3 uur later weer open. Terug naar beneden, naar de toeristische dienst. De foto van dit convent herkennen ze: het ligt aan de achterzijde van de OLV van Wacht. Terug naar boven!

De zon is op haar heetst, het fotomateriaal wordt niet lichter. Ik bel bezweet aan de houten deur aan die verstoken ligt van de gangbare toeristische plaatsen van dit groots heiligdom. Zuster Martina doet open, ik doe mijn verhaal. Ze weet veel over Amandina, ze wil het boekje dat ik bij me heb, ze wil weten wat er nog rest in Herk van het geboortehuis, hoe ik in Marseille ben terecht gekomen, waar ik nog naar toe ga, ze vraagt of ik iets wil drinken, of ik even nog kan wachten want ze moet nog de kapel verzorgen, ze vindt het prachtig dat er iemand naar het verleden van Amandina op zoek is, ze herkent de foto van het St. Rafa?l klooster: ze heeft er zelf heel lang gewoond. Het juiste adres kent ze niet uit het hoofd en het stadsplan kan ze niet lezen omdat ze te slecht ziet. Ze omschrijft me de plaats en vraagt de heer Sentenac, pastoraal medewerker, om met tot in die sector van de stad te brengen. Ik dank haar duizend maal, de chauffeur stopt enkele minuten later voor een open ijzeren hek. "Franciscaines Missionnaires de Marie" staat er op het plaatje. Het Sint Rafa?l klooster is nu een ouderlingen tehuis geworden. Ondanks dat we midden in Marseille zijn, ligt het gebouw volledig in het groen en is het omgeven door appartementsgebouwen. De eigendom is volledig beplant met schaduwrijke bomen en wordt begrensd zowel naar boven als naar beneden toe door 2 straten. Elke straatzijde heeft zijn eigen ingang. De andere ingang is een afgegrendelde deur in een blinde ommuring. Ik ken geen enkele andere plaats in Marseille met zo een grote oppervlakte aan groen, het gebouw is helemaal niet te zien in dit bosje.

Het is al in de late namiddag. 100 meter van de ijzeren poort herken ik dezelfde vorm van de ramen als op de foto. Deze voordeur is anders, de ronding van het gebouw links zal de kapel zijn. Ik sta aan de achterzijde van het gebouw. Een oudere dame komt naar me toe. Ik vertel haar dat ik via zuster Martina, "di? Spaanse" noemt ze haar, hier terecht ben gekomen. Ik doe mijn verhaal over Amandina en mijn zoektocht zwak over. Ze vertelt me dat de gebouwen waarin Amandina en de anderen verbleven vooraleer ze naar de missies afreisden enkele jaren geleden afgebroken werden. Ze stonden daar in de hoek bij het binnenkomen van het goed. Ze kent Amandina en haar leven ook, ze zegt dat ze van hieruit met de boot naar China is vertrokken en ??n of twee jaar later, en dan haalt ze even diep adem, vermoordt werd. Ze lijkt er zelf getuige van geweest te zijn.

Ik laat haar de foto's uit het boekje zien. De kapel ziet er nu anders uit, ze ligt nu trouwens ook dieper zegt ze . Het ziekenhuis? Ze doet er verwonderd over, hier werden zusters klaargestoomd om naar de missies te gaan mijnheer. Er zal wel onderricht in de geneeskunde gegeven zijn maar het was een klooster ter voorbereiding op de missionering."

Ik zeg haar dat het mijn bedoeling is ter vervollediging van de tentoonstelling in het Amandinahuis te Herk-de-Stad om enkele foto's van het gebouw te maken. Ze meent dat dit geen bezwaar zal zijn maar zal voor alle zekerheid dit toch eerst aan moeder overste vragen.

Ik wacht onder de schaduw van de dennenbomen een klein kwartier. Misschien zijn ze binnen aan het overleggen of het ook mogelijk is om de kapel te laten zien, sommige documenten?

Ik wacht gewoon af, het doet me iets hier te zijn in de nabijheid van dit huis. Een kwartier later komt er een andere, oude dame buiten. Ze heeft ook grijze haren en is in een beige kleur gekleed. Het kruis dat ze draagt is iets groter dan normaal en ik vraag haar of ik haar mag begroeten met "Zuster". Ja dat mag, ze is zuster. Ik leg nog even uit wie ik ben, vanwaar ik kom, dat ik 1000 km heb gereden, 2 dagen gezocht heb en of ik de toelating krijg om enkele foto's van deze omgeving mag nemen waar onze beroemste dochter van onze stad toch een belangrijk deel van haar leven heeft doorgebracht.

Ze vraagt me "Hoe heeft U dit gevonden.?" Ik laat haar de kleine foto's in het boekje zien.

"Ja, zegt ze dit is hier". Ik wil haar nog wat foto's uit hetzelfde boekje laten zien: het geboortehuis van Amandina, haar zusters in habijt... maar ze heeft er geen belangstelling voor. " Ik ben gekomen om toelating te vragen voor enkele foto's te maken van het gebouw".

"Mijnheer, U heeft dit gebouw gevonden, dit moet genoeg voor U zijn". Ik voel nattigheid en doe alsof ik deze zin niet verstaan heb, "Mag ik rond het huis lopen om enkele foto's te maken?" herhaal ik alsof ik al "ja" gehoord zou hebben." "1 foto, ik zal kijken of ik er nog een liggen heb". "Zuster ik heb zelf alle apparatuur bij." "1 foto" zegt ze. Ik klaag dat ik al zolang naar dit gebouw op zoek ben geweest, van zo ver kom "1 foto" zegt ze, dit moet al de derde keer zijn dat ze dit herhaalt. Ze zal dit zelf ook wel weten want ze voegt eraan toe "1 foto zal volstaan, waarvoor moet het dienen?" "Om de tentoonstelling aangaande Amandina aan te vullen". "1 foto volstaat" herhaalt ze zichzelf. Ik probeer nog even of ik dan de voorzijde van het gebouw mag fotograferen. Het wordt me niet toegestaan. Ik neem mijn fototoestel uit mijn tas, wil nog even naar achter gaan om wat te "kadreren" maar ze blijft achterdochtig. "Monsieur!" zegt ze nu op een iets hardere maar nog steeds op een serene manier.

Ik neem de foto, het licht staat trouwens verkeerd. Ik wens haar een goede avond en neem afscheid met "1000 km, 2 dagen gezocht voor 1 foto Zuster!" Ik draai me om en loop onder de schaduw van de dennenbomen terug naar de uitgang toe. Zij zal ongeveer hetzelfde gedaan hebben: terug "haar" gebouw binnen maar dat heb ik niet meer kunnen zien, na 50 meter is het huis volledig achter het groen verdwenen.

André Smeets

27-7-2004

NIET ZIJN KUNSTENAARS, NOG MINDER ZIJN OORLOGSHELDEN ZIJN DE HOOGSTE ROEM VAN EEN VOLK.
MAAR MEESTAL DIE ENKELINGEN DIE DE MOED HEBBEN ZICHZELF TE OVERWINNEN.